DE COLLECTIONEUR N°0142

'De microbe zit van kleins af in mijn bloed. Mijn moeder vertelde soms hoe ik in de kleuterschool niet met de anderen ging spelen maar aan de poort bleef staan en aan de juffrouw alle voorbij rijdende auto's benoemde. Die juffrouw zei dan dat ze veel bijleerde.”

We zitten bij zo'n man die leerde lezen in folders van automerken. “Aan mijn eerste auto heb ik veel lol gehad”, lacht hij. “Een 2PK, toen ik achttien was. Of neen: twee jaar eerder had ik al een Golf Diesel, waaraan ik sleutelde. Maar die is nooit rijdbaar geweest.” 

Toen hij bij een baas ging werken en een firmawagen kreeg, kon hij z'n eerste echte oldtimers kopen. “Een Volvo P1800 ES en een Amazon Kombi. Ik had ook een 780, en een gele 850 T5-R. Fantastische auto, vind ik nog steeds. Maar ik heb 'm verkocht omdat ik veel negatieve reacties kreeg op die kleur. Daar heb ik wel spijt van. Ik ken veel mensen in de Volvo-wereld, en draag hen een warm hart toe. Het zijn degelijke, veilige auto's. Maar ook wat nuchter van inborst. Het rijden roept weinig emotie op.”

Een eigen zaak en wat spaargeld gaven z'n dromen vleugels, en in 2006 kocht hij een klassieke Porsche 911. “Ik betaalde toen 21.000 euro voor een exemplaar in topstaat – stel je voor. Die heb ik na een paar jaar verkocht, maar ik weet 'm nog steeds rijden.” Hij verzeilde in de wereld der Porschisten. “Daar kwam ik veel onbereikbare droomwagens tegen. Maar dat is niet erg. Meer zelfs: dat moet. Je moet blijven dromen, vertellen, grasduinen.” Die eerste 911 is niet meer in bezit. Maar wel een 356 C Cabriolet van 1964. Donkergrijs met rood lederen interieur: voor velen dé combinatie. De auto staat in eerste lak, is compleet origineel, ongerestaureerd en volledig gedocumenteerd.” Dat laatste gebeurde op een manier die we nooit eerder zagen. “Ik kocht 'm in 2008 van een Amerikaanse verzamelaar, die hem een paar jaar eerder had gekocht, nadat de eerste eigenaar was overleden. Die eerste eigenaar was piloot. Zoals je weet houden piloten altijd een logboek bij. Welnu, ook van deze auto is elke verplaatsing gedocumenteerd. Ging hij naar de bakker, dan noteerde hij dat, met het aantel gereden kilometers. Elke onderhouds-interventie, elke poetsbeurt en elke tankbeurt werd genoteerd, samen met het verbruik. Maandelijks werden de wielen geroteerd, opdat de banden gelijkmatig zouden verslijten. Ook dat werd telkens genoteerd, met tekeningetjes erbij.” Hij toont het schriftje waarin het allemaal staat, in verschillende rubrieken. Naar het einde toe zie je het handschrift van de man verslappen, tot het logboek in 2005, na 39 jaar, ophoudt. De 356 staat nu in Autoworld, waar hij te zien was op de tentoonstelling naar aanleiding van 70 jaar Porsche. Hij heeft 99.000 mijl op de teller. Er is wat steenslag, en het leder vertoont een mooi patina – vooral aan bestuurderskant, want die man was alleen. De auto ademt z'n historiek. “Dat is essentieel”, vindt z'n eigenaar. “Door deze auto zijn de originaliteit en de verhalen errond voor mij even belangrijk geworden als de auto's zelf. Op beurzen zie je honderden in Polen vers gerestaureerde auto's. Ze zien er splinternieuw uit en ruiken naar verf – niet naar ziel. Zo een zal ik nooit kopen. Het mooiste aan een auto zijn de sporen die getuigen dat hij geleefd heeft. Het is zoals Nicolas Van Frausem, de organisator van het jaarlijkse Antwerp Concours, het stelt: een auto is maar een keer origineel. Restaureren kan je tien keer doen. Ik wil wel dat mijn auto's technisch perfect in orde zijn. Maar de ziel eruit trekken, dat vind ik zonde.”

One-off

We lopen naar de garage, langs enkele trapautootjes. Ook die zijn bespeeld, en niet gerestaureerd. Onze gastheer verdiepte zich in Porsche. Vrij maniakaal, zelfs. En hij kon een unieke 911 op de kop tikken. “Begin de jaren 70 was Porsche nog een kleine fabrikant”, vertelt hij. “Deze auto werd eenmalig gebouwd op verzoek van een persoonlijke vriend van Ferry Porsche, met onderdelen voor de legendarische RS. Hij werd geleverd in 1972, toen die RS nog niet op de markt was. Een prototype zou ik het niet noemen, het is een one-off.” De auto heeft een merkwaardig, dubbel radiatorrooster. Handgeschreven brieven van Porsche bevestigen de afwijkende maten ervan. “Ook deze wagen werd bereden. De eerste eigenaar verongelukte in 1985 op de Nürburgring. “Ik kon 'm kopen van zijn beste vriend, met 80.000 kilometer op de teller.”

Ook zijn Porsche 993 Targa (1996) is een bijzondere. “Het is de zeldzame X51 met de tot 3746 cc vergrote motor, waardoor het vermogen toenam tot 300pk. Ik was er jaren naar op zoek. Pas recent kon ik 'm kopen van een verzamelaar die ik had opgespoord. Maar het is nog geen oldtimer, en voorlopig vind ik 'm nog te duur om in te schrijven.” 

“Als je gezond verstand hebt koop je een Kia met zeven jaar garantie. Wij betalen een veelvoud voor een oude bak, waarvan het onzeker is dat je je bestemming bereikt”, lacht de man. “Maar het is jammer dat veel auto's in handen van speculanten zijn gevallen. “Omstreeks 2017 waren de Porsches op hun piek. Mensen met veel geld maar weinig gevoel voor auto's betaalden astronomische bedragen. Ze maakten sommige auto's onbereikbaar voor liefhebbers. Nu normaliseert het weer stilaan. Nogal wat speculanten zijn wat ontgoocheld omdat de markt stagneert en gaan eruit. De liefhebbers blijven over.” 

Batmobile

“Ik moet erkennen dat ik er ook van heb geprofiteerd”,voegt hij er eerlijkhijdshalve aan toe. “Door auto's goed te verkopen toen de bubbel al te gekke proporties aannam, kon ik andere kopen die anders totaal onbereikbaar waren. Ik ging op zoek naar iconen. Auto's waar ik als jonge gast gek van was. Ik heb minder auto's dan vroeger, maar ze zijn zeldzamer.”

In de BMW Brand Store in Brussel is zijn 3.0 CSL (1975) te zien. “De Batmobile, ja. Hij heeft 160.000 kkilometer op de teller maar is in maniakaal onderhouden staat.”

In 1969 lanceerde BMW een nieuwe coupé, de 2800 CS, die evolueerde tot de 3.0 CS. BMW besliste om deel te nemen aan het European Touring Car Championship, waar het van 1973 tot 1979 zou domineren. In lijn met de homologatieregels resulteerde dat ook in een lichtgewicht CSL-uitvoering voor op de weg, die onder meer gebruik maakte van dunner staal en aluminium plaatwerk. Later kwam er injectie en vergrootte de cilinderhoud van 3.003 tot 3.153 cc, goed voor 206 pk. Het vanaf medio 1973 verkrijgbare en beroemde aerodynamische pakket voor de 'Batmobile'-uitvoering bracht meer downforce. Van die Batmobile werden
167 originele exemplaren gebouwd, in twee series. “Dit is een van de 57 exemplaren uit de tweede serie.”

In de garage staat nog een icoon uit dezelfde stal. “Ik rij ermee, jawel”, lacht hij. Nu staat er 70.000 kilometer op de teller.” De M1 (1980) was de eerste supersportwagen van BMW, en luidde ook het ontstaan van de M-reeksen in. “Via een tussenpersoon kon ik 'm drie jaar geleden in originele staat kopen van de weduwe van de eerste eigenaar, met wie ik een goed contact onderhield. De flamboyante verzamelaar was bekend in Hasselt en omstreken.” Ook deze auto staat in z'n patina en is compleet gedocumenteerd. Hij toont een grotedoos en vist er onder meer briefwisseling met BMW uit. Die start al bij de uitnodiging voor het diner op 7 mei 1979 in het toenmalige, Brusselse driesterrenrestaurant Villa Lorraine, waar de auto werd voorgesteld. “Kijk, de weduwe kreeg van overal ter wereld verzoeken om 'm te verkopen.” Hij toont brieven uit Canada en de VS. “Iemand stuurde een foto van z'n Corvette, met het verzoek om te ruilen.”

“Toen ik 'm kocht, zat ook de Audi Sport Quattro absoluut nog niet op het prijsniveau van vandaag.” Het is nog zo'n koppendraaier, voor wie z'n autogeschiedenis kent. Hij werd in 1983 op 214 exemplaren gebouwd, waarvan een 170-tal voor straatgebruik, als homologatievoertuig voor het wereldkampioenschap rally, waar de auto domineerde. De vijfcilinder turbo levert 306 pk, die het monster in minder dan vijf seconden naar honderd kilometer per uur katapulteren. “Mooi is deze auto niet, maar hij geeft een waanzinnige kick.”

Er verschijnt een brede grijns. “Er staat 47.000 kilometer op de teller. Af en toe rij ik er een regelmatigheidsrally mee. De vrouwen vinden me dan de grootste aansteller en Johnny van de hoop, de mannen vinden 'm het einde. Ik rij ook weleens op circuit maar ben niet de grote piloot.” Deze auto is overigens niet ingeschreven als oldtimer. “Toen ik 'm kocht nam ik een gewone nummerplaat en de lettercombinatie was toevallig AUD. Die wil ik houden. Voor de verkeersbelasting maakt het geen verschil. Het enige punt is dat ik jaarlijks naar de keuring moet, maar dat vind ik niet erg.”

Vermist 

Het is tijd voor wat rust. “Beroepsmatig heb ik lang met Land Rover Defenders gereden. Mijn Series 3 V8 (1985) komt van een oudere man. Het is de lange versie, met tien zitplaatsen. Geweldige auto.”  Er staat ook een Mercedes-Benz G200 Cabriolet (1987). “In 200-versie werd de 'Gelände' enkel voor de Italiaanse markt gebouwd. Een klein motortje, maar de G-klasse gaat sowieso niet hard vooruit”, lacht hij. Ook deze auto is in originele staat, met schitterende stoffen zetels met ruitmotief. “Toen ik 'm kocht was de G-klasse nog niet zo'n hype als nu. Ik betaalde een fractie van de huidige waarde.”

“Een toertje bij mooi weer, daar kan ik zó blij van worden”, klinkt het. Maar soms zet ik hier gewoon ook alle deuren open en loop naar mijn auto's te kijken. En soms is mijn vrouw me kwijt en zit ik gewoon in een van de auto's.” Wat heeft de man nog op z'n verlanglijstje staan? “Dit is stilaan mijn ultieme collectie. Maar ik ben al een drietal jaar bezig met de zoektocht naar eenprewar. Een wat sportiever, iconisch model met minstens zes cilinders. Maar de auto die ik echt wil heb ik nog niet gevonden. De originele staat is belangrijker dan het model, denk ik. Ach, de zoektocht op zich is ook al boeiend.”

“Ikzelf heb drie dochters van twintig, zestien en twaalf”, vertelt hij nog. “De jongste vindt het helemaal cool, oldtimers. En met de oudste nam ik in augustus deel aan de 2 Generations Classic. Die heeft veel succes. De jeugd vindt het fantastisch. We hebben er alle belang bij om onze verhalen en passie aan hen over te dragen. Ik ben bang dat het oldtimers zal vergaan zoals de antieke meubelen. Er was een periode waarin ze zeer gewild waren, nu worden ze op de container gegooid. Ik heb het gevoel dat de pers een vrij negatieve sfeer zaait rond klassieke auto's. We zijn net geen misdadigers. Terwijl we er amper kilometers mee maken. Ik moet al hard mijn best doen om met elk exemplaar duizend kilometer per jaar te rijden.”

Fotografie door: Lorenzo Hamers